Spring naar inhoud

Financiën

Goede financiële sturing en risicobeheersing zijn van essentieel belang om de financiële continuïteit van Mooiland voor nu en in de toekomst te kunnen waarborgen. In dit hoofdstuk wordt inzicht gegeven in de financiële positie van Mooiland en de ontwikkelingen op het financiële vlak in het afgelopen jaar.

4.1 Jaarresultaat 2025

Met behulp van onderstaande winst-en-verliesrekening worden de opbrengsten en kosten van Mooiland over het afgelopen jaar inzichtelijk gemaakt. Het totale jaarresultaat van Mooiland komt uit op € 115,5 miljoen positief. Ten opzichte van de begroting 2025 is dat een verschil van € 92,6 miljoen positief. De vastgoedportefeuille die een positievere waardeverandering had dan begroot heeft het grootste effect, namelijk een bedrag van € 70,0 miljoen. Daarnaast zien we afwijkingen bij het onderhoud, de verkopen, waardeverandering financiële vaste activa, en belastingen.

Winst en verliesrekening (x €1.000)

  Realisatie 2025 Realisatie 2024 Begroting 2025 Verschil begroting
Opbrengsten uit exploitatie   157.143 154.004 158.787 -1.644
Lasten verhuur- en beheeractiviteiten -11.854 -11.452 -12.543 689
Lasten onderhoudsactiviteiten -54.100 -57.528 -61.483 7.383
Overige directe operationele lasten exploitatie bezit -11.455 -10.555 -11.242 -203
Netto resultaat exploitatie vastgoedportefeuille 79.744 74.469 73.519 6.225
        
Netto gerealiseerd resultaat verkoop vastgoedportefeuille 891 680 -6.793 7.684
        
Overige waardeveranderingen vastgoedportefeuille -159.153 -72.517 -116.217 -42.936
Niet-gerealiseerde waardeveranderingen vastgoedportefeuille 220.203 383.215 106.746 113.457
Waardeveranderingen vastgoedportefeuille 61.050 310.698 -9.471 70.521
        
Netto resultaat op overige activiteiten 1.138 778 616 522
        
Overige organisatiekosten -5.236 -5.228 -6.930 1.694
        
Leefbaarheid -3.260 -3.167 -2.686 -574
        
Waardeveranderingen van financiële vaste activa en van effecten 7.063 -1.992 5.103 1.960
Rentebaten en -lasten -23.699 -27.437 -23.856 157
Totaal financiële baten en lasten -16.636 -29.429 -18.753 2.117
        
Resultaat deelnemingen 62 99 0  62
Belastingen -2.275 44.943 -6.560 4.285
Resultaat 115.478 393.843 22.942 92.536

De belangrijkste posten uit de winst-en-verliesrekening worden hierna toegelicht. Een meer gedetailleerde toelichting is te vinden in hoofdstuk 9 van de jaarrekening.   

Netto resultaat exploitatie vastgoedportefeuille: € 79,7 miljoen

Opbrengsten uit exploitatie

€ 157,1 miljoen

De opbrengsten uit exploitatie van Mooiland bestaan voor het grootste deel uit de huurinkomsten. De opbrengsten zijn iets lager dan begroot. De voornaamste oorzaak hiervan is dat er een lager huurverhogingspercentage gehanteerd is dan waar we in de begroting rekening mee hebben gehouden.

Lasten verhuur- en beheeractiviteiten

- € 11,8 miljoen

De lasten voor verhuur- en beheeractiviteiten zijn vooral toegerekende loonkosten en overige bedrijfskosten. De lasten zijn iets lager dan wat er begroot is. 

Lasten onderhoudsactiviteiten

- € 54,1 miljoen

De lasten onderhoudsactiviteiten bestaan uit de kosten voor dagelijks, contract- en planmatig onderhoud. De onderhoudslasten zijn lager dan  de begroting. Dit komt vooral door de achterblijvende uitgaven voor het aanbrengen van zonnepanelen en voor gevelonderhoud.

Overige directe operationele lasten exploitatie bezit

- € 11,4 miljoen

De post overige directe operationele lasten exploitatie bezit bevat voornamelijk de belastingen en verzekeringen. Deze zijn nagenoeg gelijk aan de begroting.

Netto gerealiseerd resultaat verkoop vastgoedportefeuille: € 0,9 miljoen

Het netto gerealiseerd resultaat verkoop vastgoedportefeuille ontstaat door van de totale verkoopopbrengst uit bestaand vastgoed de verkoopkosten, toegerekende organisatiekosten en de boekwaarde van het verkochte vastgoed af te trekken. In 2025 zijn in totaal 178 eenheden verkocht (2024: 1.228), waarvan 161 complexmatig.

Waardeveranderingen vastgoedportefeuille: € 61,0 miljoen

Overige waardeveranderingen vastgoedportefeuille

- € 159,2 miljoen

De post overige waardeveranderingen vastgoedportefeuille heeft betrekking op nieuwbouwprojecten, renovatieprojecten en aankopen. Nieuwbouw- en renovatieprojecten van woningcorporaties gaan vaak gepaard met een onrendabel deel. Dit betekent dat het geheel aan kosten voor de nieuwbouw of renovatie hoger is dan de te verwachten opbrengsten. 

Mooiland stuurt actief op het zoveel mogelijk reduceren van dit onrendabele deel. In 2025 bedroeg de onrendabele top voor nieuwbouw - € 67,9 miljoen en voor renovatieprojecten - € 82,9 miljoen. Aan organisatiekosten was een bedrag van - € 8,4 miljoen toegerekend.   

Niet-gerealiseerde waardeveranderingen vastgoedportefeuille:

€ 220,2 miljoen

De niet-gerealiseerde waardeverandering betreft de stijging of daling van de waarde van het vastgoed op basis van de marktwaarde in verhuurde staat. Voor het inschatten van de verwachte waardeontwikkeling ten tijde van de begroting is Mooiland grotendeels gebonden aan een aantal vaste parameters vanuit onze toezichthouders en de verwachting vanuit de markt dat in 2025 de waardestijging van het vastgoed relatief hoog zou zijn. Op basis daarvan werd destijds een waardestijging van € 106,7 miljoen verwacht.  

In 2025 zagen we weer veel vraag op de woningmarkt in Nederland en dat zorgde voor een behoorlijke stijging van de waarde van alle typen woningen. Dit heeft ook zijn effect op de marktwaarde in verhuurde staat van de woningen van Mooiland. De waardeontwikkeling van het vastgoed is daarnaast afhankelijk van parameters die we hanteren bij het bepalen van de marktwaarde. De waardestijging kwam hierdoor uiteindelijk uit op € 219,5 miljoen. Zie voor meer informatie hierover hoofdstuk 4.4.

Overige organisatiekosten: - € 5,2 miljoen

De overige organisatiekosten zijn kosten die niet direct toerekenbaar zijn aan één van de andere onderdelen van de winst- en verliesrekening. Het gaat dan onder ander om de (indirecte) kosten van directie, de Raad van Commissarissen en accountantscontrole. Hieronder vallen ook de salariskosten van een beperkt aantal functiegroepen zoals Control en HR. Deze is iets lager dan de begroting. 

Financiële baten en lasten: - € 16,6 miljoen

De post financiële baten en lasten bestaat uit renteopbrengsten (€ 1,6 miljoen), rentekosten (- € 25,3 miljoen) en de wijziging van de waarde van derivaten (€ 7,1 miljoen). De waardemutatie van de derivaten is afhankelijk van de renteontwikkeling en daarom lastig te begroten.

Belastingen: - € 2,3 miljoen

De post belastingen bestaat uit belasting over het jaar 2025 (- € 3,8 miljoen), de wijziging van de vennootschapsbelasting over 2024 (€ 3,8 miljoen) en een mutatie van de latente belastingen (- € 2,3 miljoen). Een latente belastingvordering of -schuld wordt opgenomen in de jaarrekening voor tijdelijke verschillen tussen de waardering volgens fiscale voorschriften en de commerciële waardering die in de jaarrekening wordt gevolgd. Meer informatie hierover is opgenomen in hoofdstuk 4.5 van dit bestuursverslag en in hoofdstuk 9.8 van de jaarrekening.

4.2 Financiële continuïteit

Verantwoord financieel beheer en beleid is met het oog op de financiële continuïteit van Mooiland van groot belang. Naast onze interne controle- en risicoprocedures op het gebied van financiën, vormen ook externe onafhankelijke toezichthouders een oordeel over het gevoerde (financiële) beleid en de prognoses die Mooiland maakt. Enerzijds voert de toezichthouder van de corporatiesector, de Autoriteit woningcorporaties (Aw), dit toezicht uit. Anderzijds geeft ook het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) als financier van geborgde leningen een oordeel over de continuïteit van Mooiland. Beide toezichthouders werken op het gebied van (financieel) toezicht samen. Centraal in de toetsing van de financiële gezondheid door Aw en WSW staan de drie continuïteitsratio’s: Interest Coverage Ratio (ICR), Loan to Value (LTV) en solvabiliteit. Daarnaast zijn er twee discontinuïteits-ratio’s (dekkingsratio en onderpandratio). Naast de normen vanuit de toezichthouders hanteert Mooiland vanuit de eigen financiële strategie ook streefwaarden voor de financiële ratio’s. Mooiland wil de komende jaren naar deze streefwaarden toegroeien. 

Hierna volgt een toelichting op de ontwikkeling van de financiële ratio’s van Mooiland. Het verloop in deze grafieken is gebaseerd op de meest recente meerjarenbegroting. Voor de overzichtelijkheid van deze ratiografieken worden de financiële ratio’s alleen voor geheel Mooiland (geconsolideerd) weergegeven.  

Binnen de financiële administratie van Mooiland is er een scheiding tussen het sociale deel (DAEB) en het commerciële deel (niet-DAEB). De niet-DAEB-tak heeft alleen een (interne) lening van beperkte omvang waardoor de ratio-ontwikkeling van deze tak (te) grote fluctuaties laat zien. 

Interest Coverage Ratio (ICR)

De ICR maakt inzichtelijk of Mooiland op de korte en middellange termijn voldoende geld ontvangt (operationele kasstroom) om de rente op leningen te kunnen betalen. Hieronder staat een grafiek waarin de (verwachte) ontwikkeling van de ICR op basis van de meerjarenbegroting 2025 t/m 2035 zichtbaar is gemaakt. Deze ratio moet minimaal 1,4 zijn. De streefwaarde van Mooiland bij deze ratio ligt op 1,55. Mooiland voldoet over de volledige periode van de meerjarenbegroting aan de externe norm. De piek die we waarnemen in 2026 is het gevolg van een verwachte inkomende kasstroom vennootschapsbelasting. Op de langere termijn zien we dat we naar onze streefwaarde toe bewegen. De ICR van Mooiland was per eind 2025 5,11. Naar verwachting komt deze gemiddeld over de komende tien jaar uit op 2,23. 

ICR Mooiland 2025-2035

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

Jaar Externe norm ICR (DAE B) ICR Totaal Mooiland Streefwaarde Mooiland
2025 1,4 4,2 1,55
2026 1,4 4,3 1,55
2027 1,4 2,4 1,55
2028 1,4 2,4 1,55
2029 1,4 2,2 1,55
2030 1,4 2,1 1,55
2031 1,4 2,1 1,55
2032 1,4 1,9 1,55
2033 1,4 1,8 1,55
2034 1,4 1,6 1,55

Loan to value

Voor de beoordeling van de vermogenspositie van Mooiland kijken de toezichthouders naar de loan to value (LTV) en solvabiliteit. Bij de loan to value wordt het totaal aan leningen vergeleken met de totale waarde van het bezit op basis van beleidswaarde. Deze verhouding mag niet boven de 70% uitstijgen. De streefwaarde van Mooiland voor de LTV is 65%. Zoals in de grafiek hieronder is te zien, blijft Mooiland de komende jaren naar verwachting ruim onder dit maximum van 70%. De ruimte tot aan de streefwaarde blijft gedurende de looptijd ruim voldoende en begeeft zich op langere termijn meer richting de streefwaarde. Per eind 2025 was de LTV van Mooiland 29,3%. 

Loan to Value Mooiland 2025-2035

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

Jaar LTV Totaal in % LTV beleidswaarde (%) [max 70%] Streefwaarde Mooiland (max. 65%)
2025 27,6 70 65
2026 33,6 70 65
2027 35 70 65
2028 38,4 70 65
2029 39,9 70 65
2030 41,7 70 65
2031 44 70 65
2032 44,6 70 65
2033 45,8 70 65
2034 46,8 70 65

Solvabiliteit

De financiële gezondheid wordt ook inzichtelijk gemaakt door de solvabiliteit. De solvabiliteit geeft de verhouding tussen het eigen vermogen op basis van beleidswaarde en het totale vermogen op basis van beleidswaarde weer. Deze verhouding moet minimaal 30% zijn. Mooiland streeft naar een solvabiliteitsratio van 35%. We zitten met een gemiddelde solvabiliteit van 60,3% in de periode 2026-2035 ruim boven de externe grens en interne streefnorm. Per eind 2025 was de solvabiliteit van Mooiland 69,03%. 

Solvabiliteit Mooiland 2025-2035

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

Jaar Externe norm (30%) Solvabiliteit Mooiland in % Streefwaarde Mooiland
2025 30 73,59999999999999 35
2026 30 70,2 35
2027 30 67,7 35
2028 30 65 35
2029 30 62 35
2030 30 60,2 35
2031 30 57,7 35
2032 30 56,9 35
2033 30 55,6 35
2034 30 54,5 35
2035 30 53,4 35

Dekkingsratio

Bij de dekkingsratio wordt gekeken naar de verhouding tussen de waarde van al het vastgoed op basis van de marktwaarde in verhuurde staat en de marktwaarde van leningen. Deze verhouding mag niet hoger zijn dan 70%. De dekkingsratio per eind 2025 was 15,9%. In onderstaande grafiek is het verwachte verloop van de dekkingsratio opgenomen.  

Dekkingsratio Mooiland 2025-2035

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

Jaar Dekkingsratio totaal in % Externe norm (max 70%)
2025 16,1 70
2026 20,4 70
2027 21,3 70
2028 23,4 70
2029 24,2 70
2030 25,3 70
2031 26,7 70
2032 27,2 70
2033 27,9 70
2034 28,8 70

Onderpandratio

Ten opzichte van de dekkingsratio wordt bij de onderpandratio alleen gekeken naar de waarde van het bezit waar het WSW onderpand op heeft. De onderpandratio is niet meerjarig in te schatten. Per eind 2025 kwam deze ratio uit op 15,8%. Daarmee zit deze ratio ook ruim onder de kritische bovengrens van 70%.

4.3 Financiering en treasury

In 2025 sloot Mooiland voor het eerst sinds 2021 weer externe financiering af. Deze stap was noodzakelijk om de groeiende investeringsopgave op het gebied van onder andere nieuwbouw en verduurzaming te kunnen realiseren. Eind 2025 had Mooiland een leningenportefeuille van € 780 miljoen (2024: € 771 miljoen). De beperkte toename van de totale leningenportefeuille in 2025 komt doordat, naast het aantrekken van externe financiering, er ook sprake was van reguliere (eind)aflossingen en succesvol uitgevoerde verkooptransacties via taakoverdracht. Met de verkopen via taakoverdracht is in 2025 ongeveer € 10 miljoen aan leningen overgedragen aan de kopende partijen van ons vastgoed. 

De totale leningenportefeuille van € 780 miljoen is uit te splitsen naar leningen met een vaste rente en leningen met een variabele rente. Voor een bedrag van € 713 miljoen heeft Mooiland leningen met een vaste rente. Voor € 67 miljoen zijn leningen met een variabele rente afgesloten.

(Her)financieringsrisico

Binnen de huidige leningenportefeuille vinden in de komende jaren zowel reguliere aflossingen als eindaflossingen plaats. Daarnaast leidt het gebruik van taakoverdracht bij verkopen tot een versnelde afbouw van de leningenportefeuille. Tegelijkertijd blijft Mooiland substantieel investeren in nieuwbouw en verduurzaming. Deze ontwikkelingen beïnvloeden gezamenlijk de toekomstige financieringsbehoefte van Mooiland. 

Bij het aantrekken van externe financiering in 2025 hielden we nadrukkelijk rekening met het herfinancieringsrisico. Dit betekent dat we bij de keuze van looptijden en hoofdsommen stuurden op een evenwichtige spreiding van toekomstige herfinancieringsmomenten. Ook is gestreefd naar een goede aansluiting tussen de financieringslasten en de kasstroomprognoses. Deze ontwikkeling zal zich in 2026 onverminderd voortzetten en dit vraagt om een groeiende aandacht om hier tijdig en adequaat op in te spelen.

Derivaten en liquiditeitsrisico’s

De rente van leningen met variabele rente kan doorgaans elk half jaar wijzigen. Een stijging van deze variabele rentes is risicovol. Om die reden is het risico van te grote variaties in rente in het verleden afgedekt door middel van derivaten. Het gebruik van derivaten kent naast zekerheid over de rentelasten ook nadelen. Als de marktrente daalt, moet in een aantal gevallen onderpand worden gestort bij de bank waar het derivaat is afgesloten. Dit komt doordat het verschil tussen de vastgezette rente en de marktrente te groot wordt. Vanwege deze bijstortverplichtingen moet er snel veel geld beschikbaar zijn (liquiditeitsrisico).  

De afgelopen jaren heeft Mooiland stapsgewijs de meeste derivatencontracten afgekocht. Hierdoor is het liquiditeitsrisico als gevolg van de derivaten inmiddels zeer beperkt. Begin 2025 startten we met een verkenning naar de (gedeeltelijke) afwikkeling van de resterende derivaten. Deze afwikkeling heeft inmiddels succesvol plaatsgevonden, waardoor onze derivatenportefeuille verder is gereduceerd tot een minimaal niveau. 

Een bijzondere categorie derivaten zijn de derivaten met een breakclausule. Op contractueel vastgestelde momenten in de tijd kunnen dit soort derivaten zowel door Mooiland als de bank worden ontbonden. Het derivaat moet dan tegen de actuele marktwaarde worden afgekocht. Mooiland heeft ultimo 2025 nog één derivaat (€ 10 miljoen) met breakclausule. Het eerstvolgende breakmoment hiervan is in 2028. Meer informatie over de derivatenportefeuille is opgenomen in onderdeel 8.10 van de jaarrekening.  

4.4 Vastgoedwaardering

Het is als woningcorporatie belangrijk om te weten wat je woningportefeuille waard is. Een gezonde verhouding bewaken tussen de leningenportefeuille en de vastgoedwaarde (de loan to value) is bijvoorbeeld een belangrijke financiële ratio. Ook bij besluiten over gemaakte nieuwe investeringen is het belangrijk om goed in te kunnen schatten wat deze aan waarde en rendement opleveren.

Marktwaarde verhuurde staat

Woningcorporaties waarderen hun bezit op basis van de marktwaarde in verhuurde staat. De waarde van het vastgoed bepalen we dan op grond van veronderstelde opbrengsten die de woning kan genereren uit verhuur of verkoop. De waarde wordt daarbij bepaald op basis van commerciële (marktconforme) uitgangspunten.
Op basis van de uitgangspunten voor het bepalen van de marktwaarde in verhuurde staat is het vastgoed van Mooiland per eind 2025 afgerond € 4,01 miljard waard. De totale marktwaarde in verhuurde staat is ten opzichte van vorig jaar € 0,22 miljard gestegen. De gemiddelde waarde per woning steeg in 2025 met 6,1% van € 174.165 naar € 184.740. Deze stijging van gemiddeld 6,1% per woning is passend bij de ontwikkeling op de woningmarkt in het afgelopen jaar. De waardestijging bij Mooiland komt gemiddeld overeen met de stijging van de waarde per vierkante meter bij andere corporaties. Dit blijkt onder andere uit de benchmark marktwaarde van Valuemetrics waar Mooiland aan deelneemt. Los van de marktontwikkeling spelen ieder jaar ook gewijzigde parameters in het handboek marktwaardering een rol bij de ontwikkeling van de marktwaarde. 

Beleidswaarde

De beleidswaarde is een waarderingsmethodiek die wordt toegepast op het bezit van woningcorporaties en terugkomt in de toelichting van de jaarrekening. De beleidswaarde geeft een realistischer beeld van de waarde van onze woningen. De beleidswaarde houdt namelijk rekening met de beleidsmatige keuzes die we maken, zoals huurprijsbeleid en onderhoudsplannen. In tegenstelling tot de marktwaarde, die gericht is op verkoopwaarden, weerspiegelt de beleidswaarde beter onze langetermijnstrategie en sociale doelstellingen. 

De beleidswaarde is een op zichzelf staande waarde waarbij we rekening houden met de volgende afslagen: 

De volgende stappen zijn nog steeds van toepassing op de beleidswaarde: 

  • Beschikbaarheid: Voor het bepalen van de beleidswaarde wordt ervan uitgegaan dat woningcorporaties de woningen blijven verhuren (doorexploiteren) in plaats van deze te verkopen, ook als deze woningen bij verkoop meer opleveren. Dit vanwege het belang dat er voldoende sociale huurwoningen beschikbaar blijven. 
  • Betaalbaarheid: Als een huurwoning vrijkomt wordt ervan uitgegaan dat de woning opnieuw wordt aangeboden voor de streefhuur die de woningcorporatie op basis van haar huurbeleid heeft bepaald. Bij de marktwaarde in verhuurde staat wordt ervan uitgegaan dat bij zo’n mutatie de markthuur wordt gevraagd. De streefhuur van woningcorporaties ligt doorgaans lager dan de markthuur.  
  • Kwaliteit: Bij het bepalen van de beleidswaarde wordt rekening gehouden met de specifieke onderhoudskosten die de woningcorporatie verwacht te maken. Bij het bepalen van de beleidswaarde wordt de beleidsarme meerjarenonderhoudsprognose voor een periode van 60 jaar gehanteerd op complexniveau.

  • Beheerkosten: Voor de beheerkosten wordt bij het bepalen van de beleidswaarde uitgegaan van de norm voor beheerkosten die de corporatie zelf hanteert. De beheerkosten van woningcorporaties liggen over het algemeen hoger dan die van marktpartijen vanwege het maatschappelijke karakter en de sociale doelgroep. 

Rekening houdend met bovenstaande punten komt de beleidswaarde van Mooiland uit op € 2,66 miljard (2024: € 2,37 miljard). In onderstaande tabel is de ontwikkeling van de beleidswaarde in 2025 weergegeven: 

Ontwikkeling beleidswaarde in 2025

Ontwikkeling beleidswaarde 2025

  Bedrag in € afgerond op € 1.000
Beleidswaarde per 31-12-2024 € 2.374.297 
Af: Mutaties (verkoop, sloop) € 20.170 
Beleidswaarde 2024 eenheden in bezit per eind 2024 én eind 2025 € 2.354.127 
Bij: Mutaties (nieuwbouw, aankoop) € 21.024 
Bij: Mutaties vastgoedgegevens/marktontwikkelingen/parametersbeleidswaarde € 287.616 
Beleidswaarde per 31-12-2025 € 2.662.767 

In de tabel is het verloop te zien van de beleidswaarde per ultimo 2024 naar de beleidswaarde ultimo 2025. Door verkoop en sloop zien we een daling van € 20,1 miljoen van de beleidswaarde. Door toevoeging als gevolg van nieuwbouw en aankoop neemt de beleidswaarde met € 21,0 miljoen toe. Verdere toename van de beleidswaarde is het gevolg van mutaties vastgoedgegevens, marktontwikkelingen en de beleidswaarde parameters. 

4.5 Sturing op fiscaliteit

Goede sturing, aandacht en kennis op het gebied van fiscaliteit (belastingen) wordt steeds belangrijker. Mooiland voorziet dat de gemiddelde belastingdruk in de komende jaren sterk toeneemt. Hierdoor heeft Mooiland minder middelen beschikbaar voor haar volkshuisvestelijke doelstellingen. Mooiland hecht daarom grote waarde aan het traject waarbij we zoeken naar een structurele oplossing voor de toenemende belastingdruk bij woningcorporaties in het algemeen. De belastingdruk voor 2025 lichten we in paragraaf 9.8 van de jaarrekening toe.  

Sinds 2019 is de belastinglast onder andere toegenomen door de invoering van een fiscale regel waardoor de rentelasten niet of beperkt kunnen worden afgetrokken (ATAD). Deze regel heeft grote invloed op woningcorporaties, maar is eigenlijk bedoeld voor multinationals. Daarom worden er door een groot aantal corporaties, waaronder Mooiland, rechtszaken gestart tegen de toepassing van deze regel. Mooiland en de Belastingdienst verschillen daarnaast van mening over de fiscale verwerking van de afwikkeling van een aantal derivaten. Dit geschilpunt wordt gelijktijdig in de rechtszaak betrokken.  

Door de complexiteit van de vraagstukken, politieke onzekerheid en de financiële omvang worden de potentiële risico’s en kansen rondom fiscaliteit steeds groter. Hierdoor heeft het fiscale dossier de afgelopen jaren ook steeds meer aandacht gekregen. Mooiland beschikt over een interne bedrijfsfiscalist en heeft een fiscaal statuut. Dit statuut is in 2025 geactualiseerd. Vooral de visie, strategie en uitgangspunten op fiscaal gebied zijn hierin herijkt.  

In het kader van de visie en strategie ziet Mooiland als maatschappelijke organisatie het belang om via belastingheffing haar ‘fair share’ bij te dragen aan de algemene middelen. Mooiland is alleen wel kritisch op de gevolgen hiervan voor de financiële haalbaarheid van haar volkshuisvestelijke doelstellingen. Om de fair share af te bakenen past Mooiland daarom waar mogelijk en gewenst fiscale optimalisatie toe. Deze optimalisatie vindt altijd plaats op basis van een pleitbaar standpunt. Mooiland stelt zich in dit kader niet altijd op de meest behoudende standpunten en benut fiscale kansen als die zich voordoen. We houden hierbij rekening met de kaders van de financiële strategie en de risicobereidheid. Daarnaast is het van belang om in control en compliant te zijn en blijven, dit mede door fiscale risico’s te beheersen.  

Met het oog op de interne fiscale beheersing kiest Mooiland ervoor om een Tax Control Framework te integreren in het Mooiland-brede Risk Control Framework. Daarnaast voert de controller Risk & Compliance periodiek een audit op de fiscale processen uit.  

Verder zorgen we dat de kennis op peil blijft door trainingen en kennissessies en maken we waar nodig gebruik van de deskundigheid van externe belastingadviseurs. Ten minste vier keer per jaar bespreken we de strategische en tactische onderwerpen op het gebied van fiscaliteit in de Fiscale Commissie. Fiscaliteit vormt daarnaast een vast agendapunt binnen de Audit- en vastgoedcommissie. 

Mooiland hecht grote waarde aan een goede verstandhouding met de Belastingdienst. Daarbij rekening houdend met zijn positie en (soms tegengestelde) belangen. Mooiland past geen (doorontwikkeld) horizontaal toezicht toe, maar maakt desgewenst gebruik van ‘vooroverleg’ met de Belastingdienst. Daarnaast overleggen we periodiek met de Belastingdienst over belangrijke thema’s en ontwikkelingen. Begin 2017 is er door de Belastingdienst een integraal boekenonderzoek aangekondigd voor de jaren 2014 en 2015. Dit onderzoek is later uitgebreid naar de jaren 2012 en 2013. Het onderzoek was in 2024 inhoudelijk gezien al afgerond. In 2025 heeft ook de formele afronding van het onderzoek plaatsgevonden. Mooiland en de Belastingdienst hebben ter vastlegging van de uitkomsten van het boekenonderzoek een vaststellingsovereenkomst gesloten. De (resultaat)impact van de inhoud van deze vaststellingsovereenkomst is in de afgelopen jaren reeds in de jaarrekening verwerkt.